Het mecenaat moet je stimuleren – en controleren met goede afspraken
De overheid als charitatieve ondersteuner der kunsten behoort tot het verleden. Staatssecretaris Halbe Zijlstra vindt dat de cultuursector zichzelf moet bedruipen. Voor dat standpunt zijn medestanders te vinden, maar de snelheid waarmee deze staatssecretaris het landschap wil herinrichten, biedt weinig heil. Een alternatief voor een terugtrekkende overheid is er nog niet en de doorgevoerde bezuinigingen lijken onzalig en ondoordacht. In tegenstelling tot wat Zijlstra denkt, zal de ingeslagen ramkoers contraproductief werken. Een alternatief is vereist, maar is dat ook voorhanden? Sinds kort wordt er weer volop gedebatteerd over het mecenaat, een deftig woord voor rijke lui die graag hun eigen status bevestigd zien door ruimhartig een deel van hun vermogen te schenken aan cultuur. Daar is natuurlijk helemaal niets mis mee en al helemaal niet nu de vraag naar geld nijpend is. Wat maakt het ons uit dat die gulle gevers een zaaltje, een kunstprijs of zelfs een museum naar zich vernoemd krijgen, zolang iedereen ervan profiteert. Des te onbegrijpelijker dat een overheid die deze vorm van private financiering voorstaat weinig doet om het de gulle gevers naar de zin te maken met het treffen van fiscaal aantrekkelijke maatregelen. Een schenkingscultuur ontstaat niet zomaar, die zal je moeten stimuleren. Het mecenaat zal met deze regering wel een kans moeten krijgen. Specialist op dit gebied, Renée Steenbergen, doet in haar baanbrekende proefschrift De Nieuwe Mecenas genoeg aanbevelingen, maar overschat mijns inziens de koppigheid van onze cultuur. Haar pleidooi aan schenkers om meer de openbaarheid op te zoeken om zo anderen als voorbeeld te dienen, kan alleen maar worden toegejuicht, maar ik vrees dat de werkelijkheid minder idyllisch is. Dat bleek ook afgelopen week toen het bericht verscheen dat de Monique Zajfen Collection door de eigenaar, de Broere Foundation, na onenigheid met het Stedelijk Museum in Amsterdam is teruggetrokken. Een pijnlijke affaire die aantoont dat de schenkingscultuur in ons land de peuterfase nog niet is gepasseerd. Met de Zajfen Collection werd een lacune in de collectie hedendaagse kunst opgevuld en werd de mogelijkheid geboden nieuwe belangrijke aankopen te doen. De samenwerking heeft nog geen vier jaar geduurd en de enige die profijt heeft getrokken, is de eigenaar van de collectie. Kunstwerken van onder anderen Neo Rauch, Martin Kippenberger, Lisa Yuskavage, Damien Hirst en Luc Tuymans zijn aangekocht op voorspraak van het Stedelijk en met veel aplomb wereldkundig gemaakt. De bruikleengever heeft gebruik kunnen maken van de internationale status van het museum. Hierdoor was het gemakkelijker kunstwerken met voorrang en korting te verwerven. Bovendien is de collectie direct geïnstitutionaliseerd door haar aanwezigheid in het Stedelijk Museum. Maar er waren over de Zajfen Collection geen goede afspraken gemaakt, en dat is vooral te wijten aan de vorige directeur Gijs van Tuyl, die beter had moeten weten. Met een bruikleengever waarvan de motieven niet helemaal duidelijk zijn, mag door een instituut als het Stedelijk Museum nooit in zee worden gegaan. Suggesties over speculatieve overwegingen van de Broere Foundation deden al langer de ronde. Wat dat betreft, heeft de huidige directie een verstandige beslissing genomen door de samenwerking te beëindigen. Wat kort geleden nog een droomconstructie leek en een voorbeeld van geslaagd mecenaat is uitgelopen op een fiasco. Op korte termijn moeten wij niet veel illusies hebben over de toestroom van private financiering in welke vorm dan ook. Het zal de komende jaren dan ook geen alternatief van belang vormen voor het gat dat de overheid achterlaat.
Column Vrij Nederland, 4 juni 2011
Column Vrij Nederland, 28 mei 2011
Column Vrij Nederland, 21 mei 2011
Column Vrij Nederland, 14 mei 2011
Column Vrij Nederland, 30 april 2011
Column Vrij Nederland, 23 april 2011
Column Vrij Nederland, 16 april 2011
Column Vrij Nederland, 9 april 2011
Column Vrij Nederland, 2 april 2011